Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Eijnden, van den (y)
< Einden, van den < Einde, van den

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Eynde(n), van (den); van (den) Eijnde(n), van der Eijnden, van den Einde(n), van (den) Ende(n), van de Hende, van (den) Hende(n), van den Inde(n), van(den) Eyn(d)t, van den Eijnt, van E(ij)ndt, van Endt, van der En(dt), van den En(g), van In, van Nin, van Ing(h):  PlN ten E(i)nde, ten Inde, Int: eind, uiteinde, afgelegen plaats. 1227 Willelmus filius Willelmi de Ende, Vlekkem (GN); 1281 relicta Willelmi de Hende, Ruiselede (HAES.); 1285 Diederic van den Ende, Wezel (HB 30); 1356 Gilijs Jan Gosens sone van den Inde, Ganshoren (PEENE 1949).  [WFB2]

afkortingen en bibliografische notaties: