Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Zuidema < Zuidersma
Zuidinga
Zuidstra

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Naamsaanneming Grouw 1811: Jochum Jans Zuidema, Groninger schipper; zoon van Jan Zudema, huw. Groningen 1775, geb. aldaar 1745 als Jan Sudema; zoon van Jochum Sudema, geb. Súdbroek 1703; zoon van Jan Jochums, huw. Súdbroek 1702. Naam stellig naar het dorp Súdbroek (Zuidbroek) [Hoekema-1975, p 268; Genealogysk Jierboekje 1964, 87].
• Een familie Zuidema uit de Zuidwending; stamreeks gaat terug tot Tonnis Lammerts (Slager) & Aaltjen Alberts, otr. 1775 te Veendam; ander deel van de familie behield de familienaam Slager [Vgl. Med. CBG 44 (1990), nr 4, p 12].
• Stamreeks gaat terug tot Popke Willems (1756-1828), afk. uit Surhuisterveen [J. Portengen e.a., De Friese boer met het grote gezin uit Kollumerland. Voorouders en nageslacht van Willem de Boer en Dieuwke Zuidema, Delft 1993. Vgl. Genealogie-CBG 1 (1995), nr 1, p 12].
• Garmt Klaassen Zuidema (Hornhuizen 1738-1808), landbouwer op Westerhorn te Hornhuizen; zoon van Claas Garmts, van Kloosterburen, huw. Hornhuizen 1738, landbouwer op Westerhorn [Werkman-1995, p 173].
• Sicco Harms Zuidema (Meeden 1764-1845) [G.W. Spelde, 'Kwartierstaat van Geert Wiecher Spelde', in: Ts. Westerwolde 22 (2001), nr 3, p 80-81].
• Zuidema: Fries Patr. Germ. VN swinth-man `sterk, hevig-man'.   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: