Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Roefs < Roeffen
Roufs

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Roef(s); de Roef, de Rouf:  1. Mnl. roef: dak, verdek, zoldering, afdak. BerBN voor dakdekker. 1368 Gosuin Rouf = 1398 Gosin de Rouf, Rollegem (DEBR. 1971); 1422 Zeghere de Rouf = Segher den Rouf, Ktr. (DEBR. 1958). — 2. Patr. Roef < VN Roelof. 1492 Joris Roef = 1538 Joris Rouff, Kontich (SELS).  [WFB2]
• Roelof, Roelofs(en), Roeloff(zen), Rol(l)of(f), Rohloff, Roloffe, Rolofson, Rolef, Rouleff, Ruyloft, de Rolf, Drolff, Deroloffe, Rolf(s), Rollfs, Rohlf, Rolfo, Roef(s), Rouff, Roeffen, Reuff, Rueff, Ruf(f):  Patr. Germ. VN hrôth-wulf "roem-wolf": Hrodulfus, Roolf (MORLET I). 1118 Rodulfus de Melle (GN); 1268 Rolf de Hille; 1304 Roelf le Bliec; 1268 Mas filius Roelf = 1277 Maes fieus Rolfs, Ip. (BEELE); 1372 Roeloven van Redinghen, Tn. (ROEL. 1951); 1396 Jan Roelof vel Roef, Maarke-Kerkem (DE B.); 1544 Rodolphus dictus Roef, Bergeik (JVO).  [WFB2]

afkortingen en bibliografische notaties: