Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Mutsaers
< Mutsers < Mutsters
Mutzers
Mutsert, de
Mussers

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Mutsaard, -aert(s), -aets, -aar(t)s, -aers, Mutsers, Musters:  Mnl. mutsaert: takkenbos. BN voor een houthandelaar of houtsprokkelaar. Vgl. Fagot. 1325 Joh. Mutsart, Tn. (C.BAERT); 1368 Mutsaerts, Tnh. (VERB.II); 1458 Peter Mutsaerts, Aarts. (MAR.); 1759 Hubertus Mutsaerts, Tilburg (vader van) 1790 Albertus Musters, Groningen (PDB).  [WFB2]

afkortingen en bibliografische notaties: