Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Hooft, van
< Hooft < Hooft, 't
Heuft
Hoft
Hoofd
Ooft

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Item Willame Hoeft 7 s. 3 d. van seghelwasse - uitgaven Dordrecht 1284-85 [Stadsrek. Dordrecht 1283-87, p 21].
• Pieter Hoeft, 's-Gravenzande 1345 (archief van het klooster Bethanië in 's-Gravenzande) [Sernee-1920, p 218].
• Jan Hoeft, Noordwijkerhout 1369 [Spiegel, van der-2013, p 189].
• [Hooft 1220-1514].
• "Deze Willem Janszn Hooft (geb. Westzaan 1515) voert reeds de naam Hooft, komende van het havenhoof(t)d, en bij zijn dood in 1562 blijkt hij schipper te zijn en sterft op zee. Over de naam Hooft en haar oorsprong lopen de meningen ook uiteen. De meest verspreide mening is dat het wonen op het havenhoofd te West-Zaandam wel de oorsprong van de naam zal zijn. Maar hiertegen pleit het bestaan van de Waterlandsche moordenaar Baertgen Hooft die deze naam reeds droeg in 1339. De naam Hooft kan afgeleid zijn van het lichaamsdeel, zooals andere namen als 't Hooft, van der Hooft en ook Kop, Beentjes, Borst en andere. Een geheel andere mogelijkheid is gelegen in het feit dat de bewoners van de Zaenlanden, de Heerlijkheid Zaenden en de Schoutsambten Wormer en Jisp, zich herhaaldelijk teweer moesten stellen tegen de West-Friezen. De Zaankanters weerden zich geducht en met de mannen van Jisp en Wormer brachten zij het hoofd van den vijandelijken aanvoerder in triumf bij hun graaf, die deze moedige strijders prompt beloonde met het recht een hoofd in hun vaan of wapen op te nemen. Dat deze overwinnaar nu aangeduid werd met: die van dat Hoofd, of Die Jan die dat Hooft medebracht, is aan te nemen" [G.H.C. Hooft, 'Pieter Corneliszoon Hooft, zijn naam en zijn afstamming', in: GN 2 (1947), p 211-233].
• Pieter Willemsz Hooft, geb. mogelijk Zaandam, vermeld Amsterdam vanaf 1553; zoon van Willem Jansz Hooft, geb. mogelijk Zaandam, grootschipper op de Oostzee, ovl. op zee 1562. In 1815 werd Daniël Hooft (Amsterdam 1788-1860) in de Nederlandse adel verheven [Ned. adelsboek 85 (1995), p 425-446].
• Cornelis Pietersz Hooft, afb. Dirk Barendsz Schutters van de Handboogdoelen, Amsterdam 1585 (Rijksmuseum). Willem Pietersz Hooft (1549-1605), vermogend korenkoper. Diens broer Cornelis Pietersz Hooft, vermogend koopman, meermalen burgemeester, woonde bij de Haarlemmersluis en de oude Haarlemmerpoort. Jan Beth Jacobsz Hooft, aangeslagene bij de capitale impositie van 1585 te Amsterdam; zuivelkoper, verkocht zijn huis in de Kalverstraat in 1565, waarbij hij bedong 'het uythangende teecken vant varckenshooft' te mogen meenemen. Goossen Jacobsz Hooft (1533-1605). Willem Crijnss/Quirijnsz Hooft, not. acte 1595; zoon van Quirijn Jacobsz Hooft, huidekoper, ovl. 1584, woonde op de Plaets in 't Valcgen [Dillen van-1941, p xxi, 91, 93, 139, 148, 156; vgl. Elias p 150, 152].
• [S.A.C. Dudok van Heel, 'De familie van Pieter Cornelisz Hooft', in: Jb. CBG 35 (1981), p 68-108].
• Jacob Klaasz Hooft (Westzaan 1647-1719), directeur walvisrederij op Groenland; zoon van Klaas Jansz Hooft, won. te Westzaan [Iongh de-1992, p 192; Algemeen Nederlands Familieblad (1889), p 233-240)].

Vergelijk ook:
• Jan Geeritssen waert in Mooriaenshooft, Leiden 1574 [Volkstelling-1574, p 102].
• Hooft, Hoofd(t), Ooft, Thoof(d)t, T'Hooft, Hoof(s), Hoft, Heuft, Höfte:  1. BN naar het (opvallende) hoofd. 1275 Wouter Hoeft, Bg. (CG); -1300 Clemme Hoeft, Ktr. (DEBR. 1980); 1398 Pieter Hooft, Menen (DEBR. 1970). — 2. Huisnaam: 1340 huus Clais Hallynckx dat men heet Hooft, Ip. (BEELE).  [WFB2]
• Hoofd; (`t) Hooft: 1. BN voor iemand met een opvallend hoofd. 1284-85 Willame Hoeft, Dordrecht (DM); 1597 Gillis Thomaes Hooft, Sint-Gillis-Waas OV ­ Zeeland (VS 1965, 223). ­ 2.Huisnaam.   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: