Nederlandse Familienamenbank |
|
Dik Dirks |
< | Diks | < |
Dix Dijks Dikkes Dieks Dicks |
naamsvermeldingen en literatuurreferenties:
| • Otte Dijcks, te Zuidlaren ca. 1450 [Schattingslijst Drenthe ca. 1450, p 70]. • Mees Dieckz tinneghieter, Leiden 1574 [Volkstelling-1574, p 39]. • Laureyns Dicx, Zuienkerke 1575 [WFB]. • Diderick Dikx (Rotterdam 1648-Haarlem 1719); zoon van IJsbrand Dickx (Haarlem 1610-1681); zoon van Dirck Dircksz Dicx, huw. Haarlem 1595, burgemeester 1618, begr. Haarlem 1619; zoon van Dirck Dircksz, die in 1565 in Haarlem een huis kocht waarin hij een brouwerij begon [R.A.J. Dix, 'Haarlems regentengeslacht in de steigers', in: GN 33 (1978), p 85-95]. • Voorouder van een familie Dix: Johann Christian Dix, geb. Dingelstadt (Duitsland) 1782, ca. 1810 naar Amsterdam; zijn vader was afkomstig uit het dorp Grote Brogel in de Loonse Kempen in Belgisch Limburg waar hij koperhandelaar/koperslager was (koperteut). Dit Loonse voorgeslacht gaat terug tot Lenaert Dix (15e eeuw), landbouwer op de Dijx Hof of het Dycxgoed onder Kaulille. Zijn dochter N. Lenaertsdochter trouwde omstreeks 1530 met Gosen Yven alias Dix [R.A.J. Dix, 'De namen Dix, Diks, Dieks en Dijks', in: GN 31 (1976), p 196; R.A.J. Dix, Familiegeschiedenis Dix. Van Loonse Kempen tot Amsterdam 1470-2000, Arnhem 2000 (Stichting Gens Dix); vgl. Genealogie-CBG (2001), nr 3]. • [Dixieland-kroniek. Uitgave voor de geslachten Di(c)ks, Dieks, Dix, Dij(c)ks en Dijksen in Nederland, Zevenaar 1984, jrg 1 -]. | |
| • Dik, Dicke, Diks, Dieks: Patr. Bakervormen van de Germ. VN Diederik. [WFZ] |
|
afkortingen en bibliografische notaties: |
|
