Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Boone
< Boonen < Bohnen
Boons
Booijen

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Aernt Boenen zoon, kerkmeester te Wassenaar en Zuidwijk, 1524 (archief van de Abdij Loosduinen) [Sernee-1920, p 202].
• Boon, Boone(n), Bonen, Boons, Boen(s), Bone, Boenne, Boënne:  1. BN naar de geringe waarde van de boon, het dagelijkse voedsel in de ME (HAGSTR. 1949). Vgl. Grotebone, Vettebone (GOTTSCHALD 1954). — 2. BerBN voor een bonenplanter, -teler of -dorser. 1220 Ghiselbertus Bone = 1221 Giselinus Fave (LEYS 1951,115); 1398 Pieter Boene, Wervik (DEBR. 1970). — 3. Evtl. Patr. Zie Boonen.  [WFB2]
• Boonen, Bonen:  1. Patr. Mnl. vleivorm Bonin of gen. van Germ. VN Bono (Fm.). Volgens MEERTENS 1951, 39 vleivorm van Bonifacius. 1281-99 Jacob Waerd fs. Bonin (C. WYFFELS, Hand.Em. 1960, 27); 1310 Bonin Bertolf (LEYS 1952, 16); Boen Senjuere, Boninus f. Gherwini, Bg. (GAILLIARD); 1341 Lamsin Boenin, Saaftinge (DEBR. 1999). — 2. Gen. van Boone; zie Boon.  [WFB2]
• Boon, (de); Boone(n): 1. BN naar de geringe waarde van de boon, het dagelijkse voedsel in de middeleeuwen. Of BerBN van de bonenplanter, -teler of -dorser. 1430 Willem Boone, Axel (PARM.); 1595 Jan Jacobsz Boone, Baarland; 1599 Jan Jansz Boone, 's-Heer Arendskerke (HARTHOORN). ­ 2.Patr. Ook wel Boon < Boudin, vleivorm van Boudewijn. 1554 Adriaen Boudynsz / Boynsz / Bowens, Peursum (vader van) Pieter Adriaensz (vader van) Jan Pieter Boonse (vader van) 1649 Pieter Jansz Boon, Peursum (BROUWER 2001).   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: