Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Voort, van de / der < Vervoort
Voortman
Voorde, van de / der
Voort
Rouppe van der Voort

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Maerten Adriaensz van der Voort (ca. 1541-ca. 1619), won. te Rijswijk 'in de Voirde', waarmee vermoedelijk de boerderij Steenvoorde werd bedoeld. Tevens geldt Pieter van Larum (Lisse 15e eeuw) als voorouder van een familie Van der Voort [D. van der Voort, Terugblik op het geslacht Van der Voort, Leiden 1993; vgl. Genealogie-CBG 1 (1995), nr 1, p 15].
• Lijsbet van de Voert, Leiden 1574 [Volkstelling-1574, p 53].
• Cornelis van der Voort (1576-1624) [Femke Diercks, 'De schutters van Cornelis van der Voort en de identiteit van vier allmoezeniers-regenten', in: Mb. Amstelodamum 95 (2008), nr 3-4. p 9-30].
• "De oorsprong van de naam van deze familie is niet uit geschreven bronnen af te leiden. Dit geldt ook voor de oudst bekende naam Larum of Van Larum. Een tak van deze familie woonde te Lisse aan de Akervoordelaan en werd Van der Voort genoemd" [J.J. Duivenvoorden, 'Stamreeks Van Steijn', in: Zuidhollandse stam- en naamreeksen, Rotterdam 1986, p 241-245].
• Adriaen Maertensz van der Voort, geb. 1577, welgeboren man met verschillende functies, huw. Rijswijk 1600, begr. Monster 1674; zoon van Maerten Adriaensz, welgeboren man, gezworene en ambachtsbewaarder van Rijswijk, won. in 'De Voirde' te Rijswijk 1604 [Markus van-1994, p 42, nr 5360].
• Maerten Maertensz van der Voort, ovl. ca. 1630, Eikenduinen, Haagambacht; zoon van Maerten Adriaensz, won. in 'de Voirde' te Rijswijk; nageslacht sedert 1611 met de naam Van der Voort [Zijl van-1989, p 330, nr 804].
• Ivm. de Voortlaan of Akervoorderlaan (Lisse) [Hulkenberg-1975, p 5; vgl. register].
• [A.M. Hulkenberg, 'Akervoorde', in: Leids Jaarboekje 76 (1984), p 155].
• Lenart in ghen Voirt, Hasselt (gem. Arcen en Velden) 1554. Beneven Lenharts lant in ghen Voirt [Lijfgewinboek Arcen 1554: Jaarverslag 1996, p 39, 40].
• Willem Jan van der Voort (Zwolle 1744-1826) [H. Schuttevâer, Voorouders. Transparanten uit een kwartierstaat, Zaltbommel 1976, p 152].
• [Heines-1990, p 75].
• Van de Voort < in gen Voorst [A.J. Peters, 'Kwartierstaat Peters-Lemmen', in: GN 40 (1985), nr 2, p 93].
• [J.N. Leget, 'Van de Voort te Haaren', in: dBL 31 (1982), p 129].
• Vgl. NNN: Voort-toponiemen.
• Voorde, van de(r); van de(r) Voor(d)en, van de Vorden, van de(r) Vorde, van de Wo(o)rde, van de(r) Vo(o)r(d)t, van den Voort, van der Voodt, Wandervorde, Wandevoir, van Vo(o)ren, Vervoor(d)t, Vervoert, Vervort, Vervuurt, Vervoir, Vervoode, Vervoot, Vervo(i)tte, Tenvoorde(n), Tenvooren, Tervoort, Tervoert, Tervooren:  Verspreide PlN Voorde, Voort: doorwaadbare plaats. O.m. Voorde (OV), Tervoort (NB). ±1240 Aua de Vorde, Petegem-Deinze (SCHMID); 1368 Heinric van der Voirt opt goet ter Voirt, Tnh. (LIND. 1955); 1382 France vanden Vorde, Gullegem; 1424 Denijs vanden Voorde, Ktr. (DEBR. 1970, 1958); 1574 Adriaen Vervoort, Boechout (SELS).  [WFB2]
• Voorde, van de(r); van de Voort, Vervoort, ten Voorde: Verspreide PlN Voorde, Voort `doorwaadbare plaats'. Tervoort (NB). 1320 dat Wouter vanden Vorde = Woutre vanden Voorden, Hulst (DEBR. 1999); 1478 met Lysbetten vanden Voorde, Overslag (STEEGERS); 1368 Heinric van der Voirt opt goet ter Voirt, Turnhout; 1574 Adriaen Vervoort, Boechout (WF); 1600 Derick Vervoerdt, Nijmegen (DM); 1637 Matthias van de Voorde, Walcheren- Biggekerke (VS 1974, 566).   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: