Nederlandse Familienamenbank |
| Velde, van de / den / der | < |
Velden, van de / den / der Veldman Veld, in 't Veldt, van der Velde, te |
naamsvermeldingen en literatuurreferenties:
| • 'Der' door dissimilatie van 'vanden' voor 'v' [Van Loon-1980, p 155]. • "Zo heeft de oorspronkelijke natuurlandbenaming veld in tal van dialecten al vroeg de betekenis 'bouwland(complex)' aangenomen, en ging de verkleinvorm veldeke plaatselijk (in Zuid-Oost-Vlaanderen) zelfs een heel specifiek perceelstype aanduiden, nl. een omsloten bouwlandperceel in privé-exploitatie, bestemd voor de teelt van gewassen die niet onderworpen waren aan de verplichte driejaarlijkse wisselbouw die gold voor de productie van broodgraan. Elders in Vlaanderen heette zo'n perceel bilk, in Brabant blok. Bovendien, als een terreinnaam vanuit de een of andere betekenis tot vaste plaatsnaam is geworden, blijft die in de regel met die plaats verbonden, ook al verandert het benoemde terrein van uitzicht en bestemming. Dat principe van naamsbehoud bij veranderende werkelijkheid verklaart waarom in gebieden waar veld als soortnaam nooit een 'bouwland'-betekenis heeft aangenomen, toch vele cultuurlandcomplexen een 'veld'-naam dragen. We hebben dus vaak geen zekerheid over de aard en het uitzicht van het terrein op het ogenblik dat de naam ervan aanleiding gaf tot bijnamen en familienamen. De stamvader van een familie Van de Velde kan dus zowel in een woeste omgeving hebben gewoond, als bij een uit 'veld' ontgonnen cultuurcomplex, dat toponymisch als veld werd aangeduid. Het is dus beslist onjuist om in elke 'topografische' familienaam de etymologische betekenis van het achterliggende terreinwoord te projecteren" [Devos-2001, p 22; vgl. p 25]. • Ghijsbrecht vanden Velde, 1335; Jan vande Velde, 1367 [Schepenen Sint-Oedenrode 1311-1550, p 54]. • Ian van den Velde, vazal van de hertog van Gelre 1369-96 [Codex Gelre]. • Jan van den Velde ivm. land te Maarssenbroek [Leenmannen Utrecht 1379, p 39]. • Henric van den Velde, ivm. land te Schalkwijk [Leenmannen Utrecht 1379, p 56]. • Heinric gehieten die Beste van den Velde, ivm. goederen in het gerecht van Hardenberg [Leenmannen Utrecht 1379, p 69]. • Muys van der Velde bij dode van zijn vader Boudijn van der Velde, Maasland 1384; voorouder van Cornelis van der Velde (1621) [C. Hoek & J.C. Kort, 'Aanvullingen op gepubliceerde repertoria van leenkamers, die binnen het graafschap Holland hebben gefunctioneerd', in: OV 44 (1989), p 406]. • Heymericus de Campo (Son 1395-Leuven 1460); zoon van Godefridus de Campo (ca. 1370-1435), deken van Woensel en pastoor van Nederwetten. "De bakermat van de Van der Velde's of de afkomst van hun naam is niet met zekerheid bekend, maar ligt waarschijnlijk bij het goed te Velde in St. Oedenrode." [Jan Overzee, 'Op zoek naar een familierelatie', in: Heem Son en Breugel (1999), nr 2, p 38-41]. • Klaas van de Velde, getuige 1411, land te Oudheusden [G.M. van Aalst & J.C. Kort, 'De lenen van de hofstede Boxtel in het Land van Heusden, 1356-1688', in: Met Gansen Trou 40 (1990), p 101]. • Jacob van den Velde, Monster 1449; Huych Adriaens zoon van den Velde, schepen van Den Haag 1540 = Huych Adriaens zoon van der Velde, 1543; Adriaen van de Velde, schepen van Den Haag 1568 [Sernee-1920, p 145, 158, 173, 178]. • Pelegrinus van den Velde, Nijmegen 1477 [Legerboek Stevenskerk Nijmegen 1600, p 23]. • [Claes-1983, p 137]. • Deze parenteel begint bij Mels en Aechte Pietersdr. uit Goes. Zij zijn de oudst gevonden voorouders van deze familie Van de Velde. De achternaam verschijnt in de derde genratie: Mels Ismaëls van de Velde, geboren omstreeks 1596 in Goes [Frank van de Velde, Genealogie familie Van de Velde, via onderstaande websitelink]. • Pasquier du Champs, huw. Leiden 1612 (& Phillipotte Olivier); toen zij in 1630 met attestatie vertrokken naar Amsterdam noemden zij zich eerst Van der Velden, later werd dat Van de Velde, de vorm die door de hedendaagse nakomelingen wordt gedragen. Voorouders zijn afkomstig uit de zuidelijke Nederlanden, Luik, Rijssel en Courtoing [Informant: F. van de Velde-Kooiman, 5-12-2006]. • Lubbert Willemsen, huw. Elspeet 1703 (met Geurtien Willemsen, ged. Elspeet 1680); vader van Reijer Lubberts (van de Velde), geb. Vierhouten, ovl. Elspeet 1791, huw. Elspeet 1741 (met Marritien Aarts); vader van Peter Reijerse van de Velde, geb. Vierhouten, ged. Elspeet 1749, ovl. aldaar 1809; enz. [Uittien-Jacobs-1993, p 275]. • Van den Velde < van Wetervelde [HCTD 27 (1963), p 66]. • Anne Cornelis nam te Wartena in 1811 de familienaam Van der Velde aan (zijn 3 broers de namen Boltjen, Van der Schuit en Kuperus) [G. van der Velde, Een geslacht Van der Velde 'Fan Frysk Groun', Bunschoten 1992; vgl. Meded. CBG 48 (1994), nr 1, p 13]. • Jacob Heins van der Velde, koopman en veldwachter, Eenjum 1811; zoon van Hein Jacobs & Lolkjen Lieuwes [K.J. Bekkema, 'Foar- en neiteam fan Heyn Botes', in: Genealogysk Jierboekje (1986), p 43]. • De namen Van de Velde en à Campo uit gehucht Te Velde, gelegen bij het riviertje Te Velde onder Aubel B. [R. de la Haye, 'Franstalige familienamen in Zuid-Limburg', in: Limburgs Tijdschrift voor Genealogie 20 (1992), nr 3, p 70]. • Hendrik Jans van de Velde, landbouwer in Streukel, nam deze familienaam in 1811 te Hasselt Ov. aan [Oosterhof-2008, p 16]. • Mozes Meijer van der Velde, 1816 slager in Wijhe en zijn broer Alexander Meijer van der Velde, 1816 engels taalmeester te Zwolle; zoon van Meier/Marcus Alexander, afk. uit Engen & Rebekka Hartog ['Onze vraagbaak', in: Misjpoge 3 (1990), nr 1, p 30]. • De naam Van de Velde is in België in 1999 nummer 32 op de lijst van de meest voorkomende familienamen ['Meest gehoorde namen in België', in: De Standaardtaal, bijlage van De Standaard 6-3-2001, p 7]. • Den Velde - gehucht gemeente Gramsbergen; Het Velde - huis gem. Warnsveld; Huis Velde, gem. Maasland; De Velde - huis gem. Wijnandsrade; vergelijk hier ook een groot aantal toponiemen Veld [Pott-1913, p 439]. | |
| • Velde, van de(n); van de(r) Velde(n), (van de) Veld, Veldt, van der Vellen, van de Vel(l)e, Vandrevelle, Wandervelle, Ten Velde(n), van Tvelt, van 't Velt, van 't Veld(t), van Twel: Verspreide PlN Veld: veld, onbebouwd land. 1218 Symoenus de Velda, Ip.; 1230 Willelmo de Velde, St.-Win. (DF XVI); 1220 Fromout van den Velde, Wingene (DEBR. 1980); 1443 Oemin vanden Velde de stede te Velde daer hy wuendt, Tielt (DF). [WFB2] | |
| • Veld, (de/in `t), (ter) Veld(e), van (de) Velde, van de(r) Velde(n), (van den) Veldt: Verspreide PlN Veld `veld, onbebouwd land'. 1335 Ghijsbrecht van den Velde, Sint- Oedenrode (DM); 1421 Euwout vanden Velde van Hulst (PARM.); 1443 Oemin vanden Velde de stede te velde daer hy wuendt, Tielt (DF); 1574 Joos vander Velde, Aardenburg (VAN VOOREN 31). [WFZ] | |
| • Zie VELT in het Vroegmiddelnederlands woordenboek [VMNW]. |
|
afkortingen en bibliografische notaties: |
websites: |
