Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Kok < Kok, de
Kock
Koks
Kokke (é)
Koch

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• [Man de-1949, p 604].
• [Winter van-1962, p 147, 148].
• Johan Kock, Zwolle 1449 [Maandrek. Zwolle 1449].
• Herman Kock Sanders zoon, Den Haag 1430 (archief van het klooster van Sint Elizabeth); Dirc Dircx zoon oude Kock, Dirc Dirx zoons jonge Kock & Alijt Dirc Kockx dochter, 1453 (archief van het zusterhuis Sint Maria in Galilee) [Sernee-1920, p 10, 18, 60].
• [W. Kok, Genealogie Kok-Willemsen 1560-1990, Heemstede 1991].
• Deze familie Kok heeft als oudst bekende stamvader Willem de Cock de Vlaming, die in 1587 op het kasteel Dever te Lisse werkte. Nakomelingen van deze uit Vlaanderen afkomstige immigrant tot 1750 in Lisse. Daarna in Bennebroek en Spaarndam [A. Schüller, Het voor- en nageslacht van Adriaan Kodde en Jakoba Koppejan, echtelieden te Zoutelande, Woerden 1991; vgl. Meded. CBG 47 (1993), nr 4, p 120].
• Rotger Kock, cijnsplichtige te Neede 1598 [Keunen-2006, bijlage III, p 90].
• Lambert Pieterse Kok (Groot-Ammers 1660-1754); zoon van Pieter Lambrechtsz Cock, jm. van Gelkenes, huw. Groot-Ammers 1659 [Slootweg-1997, p 48].
• Samuel Samuelsz Kock, eind 17e eeuw meester zeilmaker in Rotterdam [H.C. Beyerman, Walvisvaart, wijnhandel & schilderkunst, de Rotterdamse reders Beyerman, Amsterdam 1995, p 126].
• Claas Teunissen, geb. Harderwijk, begr. aldaar 1701, huw. Harderwijk 1693 (& Marretje Aerdts); vader van Aart Claassen, ged. Harderwijk 1699, huw. aldaar 1728 (& Hendrikjen Jacobs); vader van Klaas Aartsen Kok, ged. Harderwijk 1729, visser, huw. aldaar 1754 (& Petertje Gerrits), enz. [Uittien-Jacobs-1993: 1994, p 6, nr 320].
• Kok < Willem Jansz Cock, Schokland 1722; zoon van Jan Cock [A. Klappe, 'Stamreeks Kok', in: Het Schokker erf (1991), nr 16, p 38].
• Jan Dirckse Sem (voo 1657-na 1730), gebruikte de naam van zijn vrouw Lobberich Sems. Zij woonden in Edam. Nakomelingen vestigden zich in de tweede helft van de 18e eeuw in Enkhuizen waar men op de familienaam Ko(c)k overging [M.S. Kok, Van Sem tot Kok, 's-Gravenhage 1997; vgl. Genealogie-CBG 4 (1998), nr 4, p 104].
• Pieter Kok, Broek in Waterland 1742 [PQ Broek in Waterland 1742, p 408].
• Bernd Kok, ged. Wierden 1746, ovl. 1820 [F.C. Kok, Familieboek Kok. Meestermetselaars te Harderwijk, Haarlem (2001?); vgl. Gelders Erfgoed (2001), nr 5, p 26].
• Klaas Aartsen, ged. Harderwijk 1729, ging zich Kok noemen ['Registratie van familiewapens', in: Gelders Erfgoed (2010), nr 1, p 27].
• ['Wapenregister', in: Jb. CBG 63 (2009), p 212].
• Carolus (alias Joegoe) Kok, geb. 1816, naamsaanneming Willemstad Curaçao 1863 [Register der vrijgelatenen in het Stadsdistrict, inventarisnummer 117, blad 31, Curaçao 1863].
• Kok, (de); (de) Kock, de Koch, (de) Co(c)k, (de) Cocq, de Cook, Decooq, Koo(c)k, de Koek, de Couck, (de) Cok, Coc, Coq, Koq, Koks, Cox, (de) Coox, Cocks, Cocx, (de) Cockx, Ko(k)x, Kocks, Koc(kx), Kocx, Koch(s), Coch, Chockx:  1. BerN van de kok. ±1300 Gerardus cocus domini comitis Flandrie (DEBR. 1980); 1360 Diederic de Coc...doen hi coecte, Lv. (DE MAN 1949); 1356 Egidii Cocx; 1382 Clays de Coc, Ktr. (DEBR. 1970). — 2. BerN Mnl. coc, scarpcoc: beul, scherprechter. 1404 Peteren de Koc, scarprechtere, Bs. (HB 251). — 3. Soms vertaling van Fr. Le Cocq: de Haan. 1398 Hendrick de Cock (zoon van) H. de Châtillon dit le Coq. Het wapenschild van families De Cock vertoont vaak een haan (med. L. de Kock, Bilthoven).  [WFB2]
• Kok, (de); (de) Kock, (de) Cok, (de) Cock, de Cocq, le Co(c)q, Koks, Ko(k)x, Cox: 1. BerN van de kok. 1360 Diederic de Coc ... doen hi coecte, Leuven (WF); 1381 Calle Scox; Pieter de Koc, Hontenisse (DEBR. 1999); 1424 Jan de Coc filius Jans, Vlissingen (PARM.); 1475 Willem de Coc, Aardenburg (Van Vooren 1970). ­ 2. BerN Mnl. coc, scarpcoc `beul, scherprechter'. 1404 Peteren de Koc, scarprechtere, Brussel (WF). ­ 3.Le Cocq kan een vertaling zijn van de Cock, maar de Cock is ook soms vertaald uit Lecocq `de haan'. 1398 Hendrick de Cock (zoon van) H. de Châtillon dit le Coq. Het wapenschild van de families De Cock vertoont vaak een haan (med. L. de Kock, Bilthoven).   [WFZ]
• Zie COC in het Vroegmiddelnederlands woordenboek [VMNW].

afkortingen en bibliografische notaties:

websites: