Nederlandse Familienamenbank |
|
Hof |
< | Hofstede | < |
Hofstee Hovestad Hofstede, ter Hofsteede Hofstetter |
verklaring:
De familienaam Hofstede duidt de bewoning of een nauwe relatie aan met een (boeren)huis met erf dat in de omgeving als de Hofstede bekend stond. Zeker bij de naamvorm Ter Hofstede zien we dat wat het is in de eigennaam is overgegaan. Het zelfstandig naamwoord hofstede is een samenstelling van hof met zijn verschillende betekenissen van een omheind perceel tot een huis, boerderij of buitenplaats, met stede = 'plaats' en heeft als zodanig wel de betekenis 'centraal gelegen hoeve of boerderij' gekregen. Het lemma hofstede in het Middelnederlands Woordenboek laat goed de verbintenis tussen woord en toponiem zien.
Het is de kunst om langs genealogische weg aan te tonen welke familietak Hofstede aan welk toponiem Hofstede refereert. Wat Overijsselse naamgenoten betreft komt zo ene Egbert te Hofstede omstreeks 1395 uit de geschiedenis te voorschijn in relatie tot de hofstede 't Holt, ook wel de Hofstede genoemd, te Collendoorn bij Hardenberg. Johan Hofstee, wiens achternaam eertijds ook als 'ter Hoeffstedt' werd geschreven, was in de 17e eeuw landbouwer op Hofstee in Lattrop. En nakomelingen van Gerrit Hofstede kunnen er zo achter komen dat hij anno 1715 het erve Hofstede te Heeten in Raalte pachtte.
Citeren:
Leendert Brouwer, 'Hofstede', in: Nederlandse Familienamenbank = CBG Familienamen, Amsterdam, Meertens Instituut / Den Haag, CBG Centrum voor familiegeschiedenis, 2000-...
kenmerken:
| adresnaam |
specifieke componenten:
| geen affix |
