Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Bijl
< Bijl, van de / der < Bijl, de
Beijl, van der
Bel, van den / der
Bil, van der
Bijll, van der

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Symon Peters in die Bijle, Leeuwarden 1526 [Fontes Leovardienses, p 15].
• Cornelis van der Bijl, Waalwijk 16e eeuw [C.A. Hamel, Genealogie van een familie Van der Bijl in en om de Langstraat, z.p. z.j.; vgl. Genealogie-CBG 1 (1995), nr 1, p 13].
• Voorouder van een familie Vd Bijl: Jan Mathijsz, beenhakker te Brouwershaven ca. 1600 [Med. CBG 42 (1988), nr 3, p 5].
• Wouter Cornelisz van der Bijl, geb. Zegwaard, ged. Zoetermeer 1630, schepen van Zegwaard 1659; zoon van Cornelis Cornelisz Bijl, geb. Zegwaard, ged. Zoetermeer 1593, schotkorver van Zegwaard 1649 (& Marritje Dircks (Roon)); zoon van Cornelis Claesz Jongens, won. Zegwaard, huw. voor 1598 (& Maritgen Corns); zoon van Claes Jacobss Jongens, schout van Zoetermeer & Jannetgen Cornelis [Slootweg-1997, p 65].
• Gerrit Pelgroms van de Bijl (Randwijk 1744-Opheusden 1805) ['Betuwse kwartierstaat: Dientje van de Bijl', in: Nieuwsbrief Historische Kring Kesteren 23 (2005), nr 3, p 26-27].
• Pieter van de Byl, ged. Hellum 1766, huw. aldaar 1790; zoon van Luirt Geerts & Aaltje Pieters, huw. Hellum 1763 [Luinstra-1983, p 129, nr 86].
• Jacob Meinderts uit Kollum nam in 1811 de familienaam Van der Bijl aan, mede voor zijn kinderen [H.R. van der Woude, Stamreeks Kooi, Zuidlaren 2001 (Dossier Kooi, CBG); Alle Friezen Naamsaanneming].
• Jacob Levy nam in 1811 te Den Haag de naam Van der Bijl aan; zoon van Levy Samson, vleeshouwer in Zwartewaal [T. Spaans-van der Bijl, 'Kwartierstaat J. van der Bijl', in: Misjpoge 2 (1989), nr 2, p 49; vgl. boekbespreking 1990, nr 2, 53].
• "Ik iete Van der Biel, maar op z'n Ollands schrief je dat mit de ij van puupe (= pijp)" [Pau Heerschap, 'Over het ontstaan van familienamen', in: Chronicke van den Lande van Philippuslandt 17 (2017), nr 1, p 45].
• Bijl (de) – huis, gem. Aarlanderveen; huis, Irnsum, gem. Rauwerderhem [Pott-1913, p 71].
• Bijl/Byl, van der:  PlN De Bijl: veld in de vorm van een bijl. 1378 Katelinen van der Bile, Dend. (OSD).  [WFB2]
• Bijl, van der: PlN (de) Bijl, voor een bijlvormig veld.   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: