Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Vries, de < Vries
Vrieze, de
Vriesland, van
Penning de Vries
Vriesde

verklaring:
Deze familienaam identificeert een Fries, een persoon afkomstig uit Friesland of iemand met Friese wortels.
In de vroege middeleeuwen duidde de volksnaam degenen aan die in de gehele kuststrook woonden, in het gebied dat als Frisia of Fresia bekend stond, van Wezer tot Zwin. Pas in de 11e eeuw kwam de naam Holland in zwang voor het Westfriese deel dat nu globaal de provincies Zuid- en Noord-Holland omvat, van Vlie tot Maas.
Het is opvallend dat deze naam ten tijde van de naamsaanneming onder het bewind van de Fransen in 1811-12 massaal door inwoners van Friesland is aangenomen. Een gebaar van regionaal bewustzijn of uit gemak?


kenmerken:
herkomstnaam

specifieke componenten:

de

herkomstnaam

Zeer veel familienamen zijn van toponiemen (aardrijkskundige namen) afgeleid. Deze namen geven aan waar men vandaan kwam (herkomstnamen), welk gebied of landgoed men bezat of beheerde, of welke huizen men al dan niet met bijhorend land in eigendom of huur had.
Bij deze laatste groep duiden de namen tevens aan waar men woonde. (Straatnummers waren immers nog niet ingevoerd!) Dit type naam wordt dan ook wel met de term 'adresnaam' van de herkomstnamen onderscheiden. Herkomstnamen gaan voornamelijk terug op namen van steden, dorpen en landen; adresnamen op microtoponiemen: namen van huizen, velden, waterlopen, straten. De elite die zich naar haar bezittingen noemde, plaatste zich als het ware tussen deze categorieën in. In feite waren edellieden en grootgrondbezitters de eersten die zich van 'herkomstnamen' bedienden en zich noemden naar het dorp waar zij hun machtsbasis hadden.

• "Familienamen getuigen ook van inwijking uit andere Europese landen of zelfs van verder: De Frankrijker, Den Engelsman, Den Duyts, Van Oostenrijk, Schot(s)man, De Grieck, Van Noorwege, Van Hoore(n)weghe, De Deene, Italiaander, Den Turck, (De) Torck en dergelijke meer. Namen waarin een of ander buitenland herkend wordt, moeten echter met omzichtigheid geïnterpreteerd worden.
In de eerste plaats stemt de hedendaagse lading van een aardrijkskundige naam niet noodzakelijk overeen met de historische. De bijnaam 'den Duyts' werd in de middeleeuwen niet alleen gegeven aan mensen afkomstig uit een of ander vorstendom dat we vandaag tot Duitsland rekenen, maar iedereen wiens tongval de Vlaming (en Nederlander) als 'Duits' in de oren klonk, kon zo worden genoemd, dus ook Limburgers en inwijkelingen uit de oostelijke streken van het tegenwoordige Nederland. Trouwens, tot in het begin van de twintigste eeuw nog kregen de ingeweken Limburgse herders in West-Vlaanderen het kwalificatief 'Duitse schapers' opgeplakt.
Ten tweede duidde zo'n naam soms iemand van ter plaatse aan, die een tijdlang in het genoemde land had verbleven. Dat procédé is van alle tijden: nog niet zolang geleden werden teruggekeerde landverhuizers uit Amerika of Canada in de volksmond 'de(n) Amerikaan(der)' of 'de Canadees' genoemd, en oud-kolonialen niet zelden 'de Kongolees'.
In de derde plaats ligt de bakermat van de stamvader soms heel wat dichter bij huis dan de naam op het eerste gezicht laat vermoeden. Zo wijst Van Inghelant niet noodzakelijk op Angelsaksische voorzaten, want 'ingeland' is ook een verdwenen inheems woord voor grasland, dat nog door plaatsnamen in herinnering wordt gebracht. De(n) Turck, (De) Torck of Turcsin kunnen zinspelen op afkomst uit Turkije, uit de Balkan, of uit een niet nader bekend exotisch oord - Turkije was voor onze middeleeuwse voorouders zowat het einde van de wereld. Maar ook op het donkere uiterlijk, zoals De Moor en De Bruyne. François kan een herkomstnaam voor een Fransman zijn, maar natuurlijk ook de bekende voornaam, die door de afstammelingen van de genoemde werd overgeërfd als patroniem of vadersnaam." [Magda Devos, 'Graaf of asielzoeker?', in: De Standaardtaal, bijlage van De Standaard 6-3-2001, p 8].
• [K. Heeroma, 'Drent(h), Groninger, De Vries (en De Jong)', in: DMB17 (1965), p 22-42].
• [Heeroma-1970].
• [R.A. Ebeling, 'Gelderse herkomstnamen in Gelderland', in: DMB 22 (1970), p 109-125].
• [H. Buitenhuis, 'Concentraties van herkomstnamen, speciaal in Noord-Brabant', in: BMN 27, 1972, p 5-20].
• [K. Heeroma, 'De verspreiding van een groep herkomstnamen uit het noordoosten van Noord-Brabant', in: BMN 27, 1972, p 21-39].
• [Van Loon-1980].
• [P.A. Sloven, 'Komen we uit het oosten? Een onderzoek aan de hand van herkomstnamen', in: Tijding. Kroniek van de heemkundekring Het Zuidkwartier (1980), nr 3, p 35-43].
• [Ebeling-1981].
• [R.A. Ebeling, 'Oorspronkelijk duitse familienamen in Noord- en Oostnederland', in: DMB 34 (1983), p 119-132].
• [Huisman-1983].
• [R.A. Ebeling, 'Kimm, Kloppenburg en Co. Herkomstnamen uit noordwestduitse toponiemen in de provincie Groningen anno 1947', in: DMB 38 (1986), p 83-98].
• [Ebeling-1993, p 108].
• [F. Claes, 'Herkomstnamen en immigratie in Diest tot 1400', in: Naamkunde 30 (1998), p 79-143].
• "De vraag naar de herkomst van de nieuwe bewoners (van Den Bosch) kunnen we met enige stelligheid beantwoorden, dankzij het feit dat de oorkonden uit de dertiende eeuw in totaal zo'n 250 familienamen voor ons bewaard hebben. Velen van deze namen verwijzen naar plaatsen in de Meierij; ook de gebieden over de Maas zijn, zij het zwak vertegenwoordigd. Wij ontmoeten, de opsomming is niet volledig, de familienamen Van Beek, Van Berkel, Van Berlicum, Van Bladel, Van Bokhoven (enz.). Het ligt ook min of meer voor de hand dat de jonge stad haar eerste bewoners rekruteerde uit de gebieden van waaruit men bij haar ter markt placht te komen" [Kuijer-2000, p 53].

afkortingen en bibliografische notaties: