Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Tol, van < Tol
Tol, van den / der
Toll, van

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Willem Heyn Coenraetsz van Tol, van de woning te Tol onder Voorburg anno 1333 (Leenkamer Huis Wassenaar te Twickel, reg. AA, fol. 29) [D. van Tol, 'Het ambacht van Philips van Wassenaar', in: Holland, regionaal-historisch tijdschrift 3 (1971), p 144].
• "Florijs Janszoon van Tol, die in 1458 borg stond voor de Alkemader sluis, moet een afstammeling zijn geweest van de zeer aanzienlijke adellijke familie Van Tol (maar nog niet inpasbaar). Een voorvader Florijs van Tol trad in de 13e eeuw op als adviseur van de Hollandse graaf (...) Het stamhuis van het geslacht waaraan het zijn naam ontleende, was het versterkte huis te Tol bij Voorburg, gelegen bij de Oude Tolbrug over de Vliet. Ook verwierf de familie een huis bij Koudekerk en gaf daaraan haar naam, het huis Tol. (...) Florijs van Tol de Jonge was van 1415 tot 1420 hoogheemraad van Rijnland. (...) Na 1430 wordt van de titelhouder Florijs van Tol niets meer vernomen. De hoofdlinie van het geslacht stierf zelfs uit en de grondeigendommen gingen over op zijn dochters. Door huwelijk van een van deze dochters met de patriciër Gerrit Simon Frederickszoon kwamen de adellijke bezittingen in handen van een gewichtig Leids schepengeslacht. In 1456 kocht Gerrits zoon het huis Tol in Koudekerk en verwierf daarmee ook de fel begeerde adellijke titel voor zijn familie" [P.J.E.M. van Dam, 'Spuien en heien. Innovatie en de rol van de stedelijke elite bij sluisbouw te Spaarndam in de 15e eeuw', in: Zeven eeuwen Rijnlandse uitwatering in Spaarndam en Halfweg, Leiden 1994, p 42].
• Floris van Thol, Den Haag 1507, pater van het convent van Sint Lijsbetten (archief van het klooster van Sint Elizabeth) [Sernee-1920, p 36].
• Jacob Jorisse van Tol, geb. Rotterdam, huw. aldaar 1697, zakkendrager; zoon van Joris van Tol. Neeltgen Claesdr (Tol), huw. Delft 1584; dochter van Claes Hendricks van Thol, welgeboren man van Benthuizen 1578 [Slootweg-1997, p 34, 112]. Vgl. bij de fn. Welboren voor informatie over de term 'welgeboren' [LBr].
• Jan Matthijsz van Tol, veertigraad Leiden 1618 [Noordam-1994, p 35].
• "In de akten lezen wij vaak de toevoeging: van de Tol. Thans heeft men te Hekelingen nog de Toldijk. Vermoedelijk woonde men dus aan deze Toldijk." 1622: Michiel Aertsz van Toll, jm. en Ingeltjen Thonisdr, jd. van Hekelingen; 1623: Abel Aertsz van Toll en Lijntje Claesdr, jd. van Hekelingen [Trouwb. Hekelingen, p 92].
• [D. van Tol, 'Wapendiploma en oorsprong van de naam van het huis Tol te Koudekerk, in: Leids Jaarboekje 61 (1969), p 141-146].
• [D. van Tol, Het huis Tol te Koudekerk en zijn bewoners (ca. 1277-1977), Alphen aan den Rijn 1999].
• [Léon van der Hoeven, 'Bolle Dirck en de armen van Woubrugge', in: Gen.CBG 21 (2015), nr 4, p 40-45].

afkortingen en bibliografische notaties: