Nederlandse Familienamenbank

Naam 
Tromp < Trompetter
Trompen
Tromm
Trumpie
Tromp Meesters

naamsvermeldingen en literatuurreferenties:

• Trumpken (Trompken) - trompetter, muzikant [Nijsten-1992, p 393].
• [R. vande Weghe, 'Een halve eeuw Antwerpse huisnamen (1390-1440)', in: Naamkunde 9 (1977), p 235].
• Cornelis Tromp (1629-1691); zoon van Maarten Harpertsz Tromp (1598-1653); zoon van Harpert Maartenszoon, die het bevel had over het schip met de naam 'Olifantstromp', vandaar Harpen Maartensz Tromp [D. Buitenhuis, 'Een olifant in 's-Graveland', in: In de Gloriosa. Historische Kring Ankeveen, 's-Graveland, Kortenhoef 11 (1994), nr 1, p 7].
• [R. Prud'homme van Reine, Schittering en schandaal. Biografie van Maerten en Cornelis Tromp, Amsterdam-Antwerpen 2001; rec.: BMGN 117 (2002), nr 1, p 96].
• < Hens Trompeneers, van Vorselaar, Antwerpse Kempen, Belgie, vest. Moergestel 1619 <<< Gheert die Trumpenere (geb ca. 1360) [L.F.W. Adriaenssen, Familiegeschiedenis van de families Trompenaars etc.; vgl. GN (1990), p 223; dBL 38 (1989), nr 3, p 194].
• [U.M. Mehrtens, Schoonoord te 's-Graveland. Bijdragen tot het bronnenonderzoek naar de ontwikkeling van Nederlandse historische tuinen, parken en buitenplaatsen, 19, Zeist 1987, p 6].
• Iemand met een gezicht als een tromp [W. van Langendonck, 'De persoonsnaamgeving in een Zuidbrabants dialekt', in: Naamkunde 10 (1978), p 117].
• Age Hylkes Tromp (Woudsend 1794-1876) richtte in 1839 de Friesche Kofscheepsrederij op. Hij was een nakomeling van Hyleke Michiels (1675-1755), die de bijnaam Tromp kreeg, naar zeggen in verband met de tromp (= trommel, koffer) van buitengewoon formaat die hij vervoerde. "Tot in onze dagen spreekt men, wanneer men het over de rijke tak der Tromp's heeft, over de Volle Tromps en de minder bedeelden worden de Lege Tromps genoemd" [G. Groenhof, De N.V. Friesche Kofscheepsrederij (1839-1850), Groningen 1990; vgl. Hans van Veen & Hans Kooij (samenstelling), Cultuurhistorische wandelroute Woudsend, z.p. z.j., p 45-69 (ihb. p 60)].
• Cornelis Tromp, Broek in Waterland 1742 [PQ Broek in Waterland 1742, p 409].
• Vgl. NNN: Tromp-toponiemen (< fn. Tromp).
• Tromp: BN voor de tromper, trompetter, bazuinblazer. Evtl. trommelaar. 1450 Truyden mitten Trompen, Den Bosch (HB 521); -1621 Willem Pieterse (Tromp), Colijnsplaat (VZS 1995, 48).   [WFZ]

afkortingen en bibliografische notaties: